Voorlezen en verhalen vertellen aan meertalige kinderen: vooral in de moedertaal!

Van 20 tot 28 november is het in Vlaanderen de jaarlijkse Voorleesweek en op veel plaatsen wordt in meerdere talen voorgelezen. Hulde en steun!

Op een goede, interactieve manier voorlezen stimuleert de taalontwikkeling. Duidelijk. Veel ouders lezen voor. Sommige ouders vinden dat lastig. Gelukkig zijn er veel vrijwilligers die het leuk en belangrijk vinden om bij die ouders aan de kinderen te komen voorlezen. Veel van deze vrijwilligers zijn georganiseerd, zoals bijvoorbeeld in de VoorleesExpress. De Voorleesexpress ziet als haar doel de taalontwikkeling van kinderen te stimuleren en de taalomgeving te verrijken. Een voorlezer komt twintig weken lang wekelijks bij het gezin thuis een uur voorlezen. De voorlezer gaat met het gezin naar de bibliotheek en maakt ze wegwijs daar. De ouders worden steeds meer betrokken bij het voorlezen en krijgen handvatten om zelf (beter) voor te lezen. Om de taalvaardigheid te bevorderen zijn er drie nevendoelen die de voorlezers in een gezin proberen te realiseren: het (voor)leesplezier vergroten, het verrijken van de taalomgeving in de thuissituatie en ouders handvatten aanreiken om (voor)lezen in het dagelijkse leven een plek te geven.

Laatst sprak ik een vader van een zesjarig Pools kind P. die zei “VoorleesExpress is aan huis geweest, maar dat was weinig zinvol, omdat P. op dat moment nagenoeg geen Nederlands begreep en sprak.” Deze vader snapte toen en ook nu nog niet waarvoor dat voorlezen nodig was. Deze vader is de zoveelste ouder die mij zo’n antwoord geeft als ik vraag over hun ervaring met het voorlezen door vrijwilligers.

Ik vraag me af hoeveel van deze gezinnen blijven (voor)lezen na die twintig weken. Volgens het onderzoek van studente Irès den Bekker een paar jaar geleden is er in ieder geval in het merendeel van de gezinnen nazorg nodig. Ouders die nog behoefte aan nazorg voelen, noemen met name dat hun Nederlandse taalvaardigheid niet voldoende is om het geleerde van de VoorleesExpress zelf op te pakken.

Dat taalkundigen een andere interpretatie hebben van het woord ‘taalontwikkeling’, wordt me elke dag duidelijk. Toen ik mij, enthousiast, een paar jaar geleden probeerde aan te melden als vrijwilliger om in het Portugees voor te lezen bij gezinnen die thuis Portugees spreken, kreeg ik het antwoord: “Nee, u snapt toch wel dat het om Nederlands gaat?”

Waarom moeten deze ouders in het Nederlands lezen? Waarom niet in de eigen taal? Of in beide talen? Het doel is immers de taalontwikkeling stimuleren. Dit bereikt men door het (voor)leesplezier vergroten en het verrijken van de taalomgeving in de thuissituatie. Dit kunnen de meeste ouders in de eigen taal doen. Maar in hoeveel steden heeft de openbare bibliotheek kinderboeken in andere talen? Of tweetalige boeken? Dat is nog wel een uitdaging…

Er is veel wetenschappelijk bewijs dat een goede beheersing van de moedertaal een grote bijdrage levert aan het verkrijgen van een goede beheersing van de tweede taal, bijvoorbeeld Nederlands. Ik ben me er van bewust dat deze boodschap al jaren oud is, maar nog een keer de aandacht hiervoor vragen is niet te veel. Ga ook eens nuchter bij jezelf na: veel mensen spreken een mondje Engels. In je contact met Engelssprekenden probeer je te zeggen wat je in het Nederlands kan zeggen, en dat lukt vaak ook. Je Engels wordt opgetrokken door wat je kent in je moedertaal Nederlands.

Le Pétit Prince, in Tigrinya!

Terzijde, ik zag een voorbeeld van de VoorleesExpress waarin in het Engels wordt voorgelezen bij een Engelstalig gezin. Het kan dus en gelukkig gebeurt het al. Dan moet het ook kunnen in het Tarifit, Tigrinya of Pools, niet? Kijk ook eens naar de informatieve webinar van het Boekstart-initiatief van Iedereen Leest, van vorige week! Ja, het kan en het werkt!

Ouders, vrijwilligers en professionals: als jullie voorlezen komt dit inderdaad ten goede aan de taalontwikkeling van het kind! Maar je kunt veel méér bereiken door je niet te beperken tot het Nederlands. Als de voorlezer meer op zijn gemak is in een andere taal en het kind daarin graag wordt voorgelezen: fantastisch. Of om de beurt: in beide talen! Als een kind het leuk vindt om voorgelezen te worden en daardoor enthousiast wordt om zelf te lezen, is het doel bereikt. In welke taal dat gebeurt is van ondergeschikt belang. Een kind leert nieuwe woorden en als het kind een rijk taalaanbod heeft, vindt er transfer plaats van de ene taal naar de andere.

Om de taalontwikkeling van kinderen te helpen, mogen we geen kans onbenut laten!

Bron van de afbeeldingen:
Banner: https://www.little-linguist.co.uk/user/news/thumbnails/Hungry-Caterpillar-Other-La.jpg
Afbeelding Le Petit Prince: http://www.petit-prince.at/pp-tigrinya.htm

Etiket ‘taalachterstand’ een bijdrage aan marginalisering?

Een tijdje geleden heb ik samen met mijn partners van Ways Home een interview gegeven aan het blad One World. Dat was leuk. Het interview heeft twee artikels opgeleverd (1) en (2).

Lees verder “Etiket ‘taalachterstand’ een bijdrage aan marginalisering?”
↓